Eivormige pot op voetring, brede hals met spreidende mondrand. Op de schouder een ongeglazuurde band. De bodem ongeglazuurd. Het deksel ontbreekt. Overgangsporselein, versierd in onderglazuur blauw met twee grote vakken waarin losse bloemtakken, bamboe en bloeiende lotusplanten. Tussen de vakken bloem- en bladranken in wit uitgespaard op een blauwe ondergrond. Deze fraai beschilderde, goed geproportioneerde pot had oorspronkelijk een dopdeksel die over de hals heenviel tot op de ongeglazuurde ring op de schouder. Elegante bloemtakken in grote vakken als zelfstandige decoratieve elementen zonder onderling verband zijn kenmerkend voor het overgangsporselein dat tegen het midden van de 17e eeuw werd gemaakt. Dit type met brede hals komt slechts zelden voor.
Oviform jar on footring, wide neck with spreading mouthrim. On the shoulder an unglazed band. The base unglazed, the lid missing. Transitional porcelain, decorated in underglaze blue with two large panels containing single flower sprays, bamboo and flowering lotus plants. Between the panels flower and foliate scrolls reserved in white on a blue ground. This finely painted, well-proportioned jar originally had a cap that fitted over the neck and rested on the unglazed ring on the shoulder. Elegant flower sprays in large panels applied as scattered decorative elements that do not form a composite whole typify mid-17th century transitional porcelain. Jars of this type with such a wide neck are rare.