terug

Een paar jardinières

Collectie: Stichting Duivenvoorde

  • Deze grote vissenkommen of jardinières vormen een eenheid met de houten voeten die er speciaal voor zijn gemaakt.[i] Voor de decoratie van de voeten is gebruik gemaakt van een 18de-eeuwse vormentaal, maar ze stammen uit de 19de eeuw – dergelijke voeten zijn in de 18de eeuw niet bekend. Hoogstwaarschijnlijk liet Hendrik Steengracht (1836-1912) de voeten speciaal voor deze jardinières maken. In de beschrijving van de roerende goederen, gemaakt na zijn dood in 1912, worden deze potten met voeten genoemd. In de beschrijving van een generatie eerder nog niet.

    Waarschijnlijk waren de potten net als de voeten nieuw toen Hendrik ze verwierf. Dergelijke grote potten bestaan wel in famille verte; een verwante kom uit ca. 1700, bevindt zich in de collectie van Augustus de Sterke.[ii] Maar deze stukken op Duivenvoorde wijken op kleine punten af van wat men van een 18de-eeuwse pot zou verwachten: de uitstekende buitenrand, de wat grijzige kleur van het wit, de te smalle decoratieve banden en de niet helemaal gelukkige verhouding tussen de bloeiende boom met vogels (wat weinig) en het wit in de achtergrond (wat veel).

     

     

    [i] J. van Campen, ‘Exotisch pronken; de collectie Oosters porselein, in A. de vries (red.), Duivenvoorde; bewoners, landgoed, kasteel, interieur en collectie, Zwolle, Voorschoten, 2010, pp. 193-194.

    [ii] E. Ströber, ‘La maladie de pordcelaine’ ; ostasiatisches Porzellan aus der Sammlung Augusts des Starken, Leipzig, 2001, nr. 39.

  • Log in om uw reactie achter te laten. Inloggen kan pas nadat u zich als gebruiker heeft aangemeld

Soortgelijke stukken